Blijkt uit onderzoek dat bodemverontreiniging is ontstaan na 1 januari 1987? Dan is bodemsanering verplicht in de volgende gevallen:

  • Als u wilt bouwen of graven op een ernstig verontreinigd stuk grond 
  • Als uit nader onderzoek een actueel risico blijkt
  • Als een spoedige sanering noodzakelijk is
  • Als u de bestemming van uw stuk grond wilt wijzigen 
  • Als u privaatrechtelijke afspraken heeft om het stuk grond vrij van bodemverontreiniging op te leveren

Niet alle bodemverontreiniging verwijderen

Verontreinigingen voor 1 januari 1987 hoeft u niet in zijn geheel te verwijderen. Er zijn twee varianten:

Immobiele verontreinigingen 

  • Alleen in de grond 
  • Er wordt meestal een isolatielaag aangebracht van 50 tot 100 centimeter
  • De isolatielaag laag bestaat uit een verharding of uit grond dat geschikt is voor uw gebruik 
  • Soms moet u een deel van de verontreiniging ontgraven 
  • Soms moet u ook de verontreinigde grond wegbrengen naar een erkende verwerker

Mobiele verontreiniging 

  • In het grondwater 
  • De kern van de verontreiniging moet zoveel mogelijk verwijderd worden. Meestal door ontgraving 
  • Het restant van de ontgraving kan worden gesaneerd. Door bijvoorbeeld een afbraakproces in de bodem
  • Binnen 30 jaar moet er een stabiele eindsituatie worden bereikt. Is dit niet haalbaar? Dan zijn aanvullende saneringsmaatregelen noodzakelijk 
  • Kijk voor aanvullende informatie in het gezamenlijke bodemsaneringsbeleid

Een eenvoudige sanering melden

Voor eenvoudige saneringen met een standaard aanpak. Dan maakt u gebruik van het Besluit uniforme saneringen (een BUS-melding). Dit geldt in de volgende situaties:

  • Gedeeltelijke ontgraving en/of isolatie van een immobiele verontreiniging 
  • Volledige verwijdering van een mobiele verontreiniging 
  • Het tijdelijk verplaatsen van verontreinigde grond. Bijvoorbeeld voor werkzaamheden aan kabels en leidingen 
  • U meldt uw sanering via een landelijk meldingsformulier 
  • Stuur dit ingevulde formulier op
  • De sanering moet binnen 1 jaar na ontvangst van de melding zijn begonnen 
  • Meldt de begindatum van de sanering 5 dagen van tevoren 
  • Voldoet uw melding? Dan mag u na 5 weken beginnen met de sanering 
  • Meer informatie: regeling uniforme saneringen

Reguliere sanering melden

  • Alleen nodig als u afwijkt van de standaard aanpak 
  • Voor het saneringsplan gelden aanvullende regels uit de verordening bodemsanering Schiedam
  • Meld dit. U krijgt dan een meldingsformulier Wet bodembescherming
  • Machtigt u een milieukundig adviseur? Meld dit ook gelijk. U krijgt dan een machtigingsformulier Bodemonderzoek of Sanering
  • Stuur de formulieren op
  • U ontvangt een besluit. Het besluit wordt geregistreerd in het landelijke beperkingenregister 
  • Meld de aanvangsdatum van de sanering 14 dagen van tevoren  
  • Na maximaal 15 weken mag u beginnen met de sanering

Wie voert een bodemsanering uit?

  • U kunt terecht bij een erkende aannemer en een onafhankelijke gecertificeerde milieukundige begeleider 
  • U vindt deze op Rijkswaterstaat

Wijziging op sanering melden

De sanering is afgerond 

  • Meld dit binnen 2 weken

Daarna stuurt u: 

  • Bij een BUS-sanering binnen 8 weken het BUS evaluatieverslag
  • Bij een reguliere sanering binnen 15 weken een evaluatieverslag
  • De gemeente beoordeelt de gegevens en neemt hierop een besluit 
  • Als de verontreiniging in zijn geheel is verwijderd stelt de gemeente ook een vervallenverklaring op. Hiermee vervalt de registratie in het landelijke beperkingenregister

Restverontreiniging en nazorg

  • Blijven er nog restverontreinigingen achter? Dan zal er in het besluit op het evaluatieverslag bij een immobiele verontreiniging wat gezegd worden over gebruiksbeperkingen van het perceel
  • Bij een mobiele restverontreiniging is in de meeste situaties een nazorgplan noodzakelijk 
  • Een nazorgplan beschrijft hoe ongewenste verspreiding van de verontreiniging wordt gecontroleerd, wanneer maatregelen worden genomen en waaruit deze maatregelen bestaan 

Meer informatie