Geschiedenis van de Moker

-Inleiding-

Schiedamsch Sociaal-democratisch Weekblad

In 1901 begon een aantal leden van de afdeling Schiedam van de SDAP een onafhankelijk weekblad dat wel vóór maar niet van de SDAP was. Die was op die manier niet financieel of inhoudelijk verantwoordelijk. Het blad was bedoeld voor de informatie van en de propaganda onder de leden en was nadrukkelijker op Schiedam gericht dan het socialistische dagblad Het Volk. De naam was logisch, want op het vaandel van de SDAP was een hand met een moker het beeldmerk. Op 2 maart 1901 verscheen de eerste aflevering van als ondertitel 'Schiedamsch Sociaal-democratisch Weekblad'. De Moker had vier pagina's en kostte één cent.

Oneerbiedig

Het succes was groot, wat ongetwijfeld ook te maken had met de oneerbiedige manier waarop het blad de raadsvergaderingen versloeg. In het eerste nummer was het meteen raak: "ze zitten zo gezellig bij elkaar, al verveelden ze zich toch op ’t laatst wel. Maar toen begonnen ze maar wat buurpraatjes te maken. Den heer Smit werd het te machtig en voor hij ’t zelf wist,zat hij te geeuwen dat ’t een aard was." Tot de schrijvers van het eerste uur behoorde de onderwijzer A. (Toon) de Wit. De oplage van De Moker passeerde al na enkele weken de duizend en daarmee bereikte de SDAP veel meer mensen dan de eigen achterban van een paar honderd Schiedammers.

Problemen

Toen de overmoedige afdeling het formaat iets groter en de prijs iets hoger had gemaakt, zakte de oplage naar ongeveer driehonderd. Het blad was dikwijls inzet van ruzies over tekorten, waardoor de penningmeester van de afdeling de maandelijkse rekening van partijdrukker Masereeuw en Bouten aan de Binnenrotte 50 in Rotterdam niet kon betalen. (…)

IJzerkoekjes en Moppen

In 1905 kreeg de afdeling Vlaardingen een eigen rubriek in De Moker, de 'Vlaardingsche IJzerkoekjes', en later kregen ook de kameraden uit Maassluis een rubriek met de al even treurige titel 'Maassluische Moppen'. Schiedammer Piet de Bruin leidde de redactie en vond het niks, waarna de rubrieken geschrapt werden. In 1907 was de kritiek van de - intellectuele - partijleden weer hevig en stelde Piet de Bruin zelf voor De Moker op te heffen.

Van deur tot deur

Ook het colporteren was niet zonder risico. In het gereformeerde Vlaardingen hadden de colporteurs kans op een stevig pak slaag, in Maassluis waren "de boeren lang niet malsch" en in Schiedam gold sinds 1906 een colportageverbod. De Moker werd niet opgeheven, maar toen Piet de Bruin in 1907 in de gemeenteraad was gekozen, trad hij terug als redacteur en volgde doctor Van Leeuwen hem op.

Tekorten

Met de vermelding van zijn naam in de kop van het blad op 20 juni 1909 was de anonimiteit van de redactie voorbij. Van Leeuwen had toen net ontslag genomen als leraar aan de HBS. Onder zijn leiding bleef De Moker sukkelen. Een verklaring kan zijn dat het blad nu over de hoofden van de meesten van zijn lezers heen schreef. Van Leeuwen was een ideologisch bevlogen socialist, die (te) lange theoretische artikelen publiceerde. In 1909 liep het tekort op tot f 473,03 en een jaar later zelfs tot f 886, 101/2. Dat ondanks het ontslag van de bezorger, die twee kwartjes per week kreeg. (…) Er waren toen zo’n vierhonderd abonnees.

Einde

Op 24 maart 1911 besloot de afdeling De Moker te vervangen door een blad waarin ook Vlaardingen aan zijn trekken zou komen, 'De Volksstem'. Die begon met een oplage van zestienhonderd en een hele pagina voor een Vlaardingse redactie. Het blad had in 1918 nog maar 337 abonnees en werd ook overbodig in 1920, toen Het Volk in Rotterdam met De Voorwaarts kwam, die ook Schiedams nieuws bracht.

(Bron: Staken en Stempelen, Henk Slechte)

Ga naar desktopomgeving