X
  1. Voor een correcte verwerking verzoeken wij je minimaal de velden voorzien van een * in te vullen.

Jan van Bergen en Henegouwen

U bevindt zich hier: Home - Gemeente - Gemeentearchief - Publicaties - Gedichten - Jan van Bergen en Henegouwen

Jan van Bergen en Henegouwen

594 keer gelezen

Lied over Schiedam

Dit lied gaat over Haverschmidt
en dus over Schiedam,
alwaar François het leven liet,
of liever -murw van verdriet-
het leven zich benam.
Hij zag geen enkel perspectief
en heeft zich toen verhangen,
maar ík, Schiedam, ik heb je lief,
was jij een mens met wangen,
dan kuste ik je links en rechts
en dichtte minnezangen. 

Want ik ken ook -ik stond er vóór-
je oude stokerijen,
een brandersknecht buldert sonoor
een stukkie uit het Slavenkoor;
de banjer staat te vrijen
met lieffie Annemie,
geboren aan de Schie.

Ach, eigenlijk ken ik François
alleen maar van een prent,
waarop hij in vergeeld chamois,
met een gezicht van boe en bâh,
zijn pappenheimers kent.
Hij kent vooral de arremoe
in sloppen en in gangen,
maar ík, Schiedam, ik zing je toe;
was je een mens met wangen,
dan kuste ik je links en rechts
en dichtte minnezangen.

Want ik zie óók, bij dag of nacht,
omlijst door kademuren,
je havens -zo men wil een gracht-
een banjer, die zijn lieffie wacht
om tegenaan te schuren.
Zijn lieffie Annemie,
geboren aan de Schie. 

Begrijp me goed, ik respecteer,
François, de dominee,
die -ooit in Leiden in de leer-
met walnootinkt en ganzenveer
satirisch was voor twee.
Hij raakte door Zwart Nazareth
ten dode toe bevangen.
Maar dát, Schiedam, laat onverlet:
was je een mens met wangen,
dan kuste ik je links en rechts
en dichtte minnezangen.

Want ook ik laak het vloeiend vuur
uit Godes gouden granen,
maar strijkt tegen het avonduur
de zon langs de ruïnemuur,
langs wimpels en langs vanen,
dan min ik n'importe wie,
geboren aan de Schie.

Ik billijk het gejammer,
maar ben en blijf Schiedammer.

Jan van Bergen en Henegouwen

Jan van Bergen en Henegouwen in 2003. Fotograaf onbekend. Beeldnummer 14024.

Het 'Lied over Schiedam' werd gevonden in de nalatenschap van Jan van Bergen en Henegouwen (1930-2003). Hij schreef het vermoedelijk in de tijd dat hij werkte aan Pennevruchten op brandewijn (Schiedam 1991), catalogusnr. 481. Naar het zich laat aanzien is het bedoeld als liedje, maar muziek of melodie ontbreken. François Haverschmidt, waarover het lied gaat, dichtte onder het pseudoniem Piet Paaltjens.

Met een korte toelichting is het 'Lied over Schiedam' te vinden in Jan van Bergen en Henegouwen en Ruud Aret (ed.), Groeten uit Zwart Nazareth. Gedichten over Schiedam (Schiedam 2004), 13, 75. Catalogusnr. 668.

Waar kan ik u mee helpen?